‘Echte samenwerking begint bij elkaar iets gunnen. Niet concurreren, maar samen iets beters willen maken.’ Die overtuiging drijft Frank Neefs, een ervaren en bevlogen onderwijsbestuurder die van Zeeland een voorbeeldregio voor samenwerking wil maken. Als veteraan in bestuurlijke vernieuwing ziet hij één duidelijke opdracht: onderwijs, bedrijfsleven en overheid zó verbinden dat jongeren niet alleen leren over techniek, maar er ook hun toekomst in Zeeland in vinden.
Zeeland is een uitgestrekte provincie met weinig inwoners: ruim 380.000 verspreid over eilanden en polders. De krimp en vergrijzing drukken er al jaren op de arbeidsmarkt, zeker in techniek en ICT. Toch maakt juist die kleinschaligheid samenwerking mogelijk, weet Neefs. ‘De lijnen zijn kort. We kennen elkaar, van scholen tot bedrijven en overheden. Je kunt iedereen bellen. Dat maakt het verschil tussen praten over samenwerken en het echt doen.’
Neefs is directeur-bestuurder van de Mondia Scholengroep, het openbaar voortgezet onderwijs op Walcheren, en wordt per 1 januari één van de twee bestuurders van de nieuwe stichting Voortgezet Onderwijs Walcheren. Daarnaast is hij penvoerder van Sterk Techniekonderwijs Zeeland (STOZ), Techkwadraat Zeeland en de Zeeuwse Onderwijsregio. ‘We hebben in Zeeland niet de luxe van schaal, maar wél de kracht van verbinding,’ zegt hij. ‘En dat werkt alleen als iedereen meedoet.’
Die cultuur van samenwerking is niet nieuw. ‘Al vijftien jaar geleden leerden we dat je samen verder komt dan “ieder voor zich”,’ vertelt Neefs. ‘Toen de leerlingenaantallen begonnen te dalen, moesten scholen elkaar helpen om overeind te blijven. Dat is toen gelukt en dat werken we nu verder uit, met het bedrijfsleven, met de provincie, met gemeenten. We zijn op elkaar aangewezen, en dat weten we.’
Eén tafel, één voordeur
Binnen Techkwadraat Zeeland werken scholen, bedrijven, overheden en buitenschoolse partners samen aan toekomstbestendig technologieonderwijs. De focus ligt op het primair en voortgezet onderwijs zodat kinderen al vroeg kennismaken met techniek.
‘Alle scholen in Zeeland hebben het programma ondertekend,’ zegt Neefs. ‘En we hebben afgesproken dat we de besteding van de gelden die we, via Techkwadraat en Sterk Techniekonderwijs, ontvangen, aan één tafel bespreken. Zo voorkom je dat dingen dubbel worden gedaan en weten bedrijven precies waar ze terechtkunnen.’
Die gezamenlijke tafel noemt Neefs het bestuurlijke hart van de Zeeuwse aanpak. ‘We hebben hier maar één voordeur,’ zegt hij. ‘Bedrijven hoeven niet te kiezen uit vier verschillende programma’s. Ze komen binnen en wij zorgen dat hun vraag op de juiste plek terechtkomt. De programmamanagers van STOZ, Techkwadraat en Techoriëntatie zitten aan dezelfde tafel. Dat is druk, maar het werkt. Anders moet ik straks aan vier tafels zitten, nu is het er één.’
Van haven tot klaslokaal
De samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven is in Zeeland hecht. ‘We hebben hier grote bedrijven als Damen, Dow en Yara’ vertelt Neefs. ‘En daarnaast veel mkb dat daar o.a. weer toeleverancier van is. Die bedrijven doen actief mee. Ze geven gastlessen, organiseren met ons bedrijfsbezoeken en techniekdagen. Leerlingen ondervinden dat techniek niet ver van hun bed is, maar gewoon hier in Zeeland.’
Met Techkwadraat richt Zeeland zich nadrukkelijk op het primair en speciaal onderwijs. ‘Je moet vroeg beginnen,’ zegt Neefs. ‘In het vmbo deden we al veel met het bedrijfsleven, maar met Techkwadraat kunnen we dat nu ook nog beter voor het basisonderwijs organiseren. Basisscholen koppelen we aan vo-scholen en bedrijven in de buurt. In Middelburg en Vlissingen hebben we technologielokalen van de toekomst, Technum en een Technasium waar kinderen kunnen experimenteren. Daar ontstaat het vonkje.’
Vervoer is daarbij vaak een struikelblok. ‘Dat is een groot punt hier,’ zegt Neefs. ‘Zonder bus geen techniekdag. Gelukkig helpt de provincie mee door vervoerskosten deels over te nemen. Dat lijkt klein, maar dat maakt het verschil.’
Besturen met lef
De bestuurlijke fusie op Walcheren tussen het openbaar en christelijk voortgezet onderwijs is volgens Neefs ‘geen papieren constructie, maar een logische stap’. ‘We heffen twee stichtingen op en vormen één nieuwe stichting Voortgezet Onderwijs Walcheren,’ zegt hij. ‘Niet om groter te worden, maar om sterker te staan. We behouden diversiteit, maar delen wat kwetsbaar zit: kleine vakken, tweetalig onderwijs, dat soort dingen. Zo kunnen we goed onderwijs blijven garanderen.’
Fuseren is geen onbekend terrein voor Neefs. Eerder was hij actief betrokken bij fusies in het onderwijs, in de sport en in de welzijnssector. ‘Elke fusie is anders, maar de succesfactoren zijn altijd dezelfde: elkaar leren kennen, elkaar vertrouwen, elkaar iets gunnen. Als dat je lukt, groeit er iets nieuws dat sterker is dan de optelsom van onderdelen.’ Die ervaring helpt hem nu om de samenwerking in Zeeland verder te versterken. ‘Samenwerken vraagt geduld en lef. En soms moet je gewoon beginnen. Als mensen eenmaal merken dat het werkt, komt er energie vrij en dat is precies wat we nodig hebben.’
Bestuurlijke ruggengraat
De Zeeuwse aanpak is bestuurlijk stevig verankerd. ‘We hebben hier het Zeeuws Bestuurdersoverleg Onderwijs,’ legt Neefs uit. ‘Daar zitten de besturen van po, vo, mbo en hbo samen aan tafel en op thema’s samen met de provincie, gemeenten en werkgeversorganisaties. Dat overleg is onze ruggengraat. Daar stemmen we beleid, projecten en subsidies af, zodat onderwijs en arbeidsmarkt elkaar versterken.’ Typisch Zeeuws pragmatisme, vindt Neefs. ‘We hebben geen tijd om elkaar te bevechten,’ zegt hij. ‘We moeten het samen doen. En als er iets misgaat, dan bel je elkaar gewoon. Volgende week kom je elkaar toch weer tegen.’
Vertrouwen is daarbij cruciaal. ‘De ego’s moeten eruit. Als bestuurders elkaar iets gunnen, volgt de rest vanzelf. Mensen op de werkvloer vinden samenwerken vaak heel normaal. Het zijn de structuren erboven die het soms ingewikkeld maken. Als je dat doorbreekt, wordt het pas echt leuk.’
Kansen voor iedereen
Techkwadraat, Sterk Techniekonderwijs en Techoriëntatie richten zich nadrukkelijk op kansengelijkheid en diversiteit. ‘We willen meer meisjes en leerlingen met verschillende achtergronden de kans geven om techniek te ontdekken,’ zegt Frank Neefs. ‘Dat vraagt rolmodellen en zichtbaar perspectief. Als je een meisje van twaalf een vrouwelijke technicus laat ontmoeten die vertelt wat ze doet, gebeurt er iets. De ceo van Dow Benelux is een vrouw: Tabita Verburg, geboren en getogen in Zeeland. Dat is de kracht van nabijheid.’
Daarnaast is het behoud van jong talent een speerpunt. ‘We leiden niet op voor vertrek,’ aldus een stellige Neefs. ‘De banen zijn hier. Zeeland heeft de havens, de energie-industrie, de maakbedrijven. Op de campus in Zeeland zit inmiddels ook Delta Climate Centre, met de focus op voedsel, water en energie en op een samenwerking met de universiteiten van Wageningen en Utrecht. Wat we nodig hebben is continuïteit in instroom. Daarom bouwen we aan doorlopende leerlijnen – van basisschool tot hbo – en maken we techniekonderwijs vanzelfsprekend in elk curriculum.’
De onderwijssamenwerking sluit naadloos aan bij de Zeeuwse arbeidsmarktregio. ‘Het zijn vaak dezelfde mensen die aan beide tafels zitten. Dat maakt afstemmen eenvoudiger. Of het nu gaat om techniekonderwijs, Human Capital of regionale economische ontwikkeling — we spreken elkaar vaak. Zo zorgen we ervoor dat beleid en praktijk in elkaar grijpen.’
Die nauwe verwevenheid heeft al concrete resultaten opgeleverd. ‘In de basis- en kaderberoepsgerichte leerwegen van het vmbo hebben we in Zeeland méér leerlingen in techniek dan regio’s als Amsterdam,’ vertelt Neefs. ‘Dat zegt iets over de traditie, maar ook over de gezamenlijke inzet van scholen, bedrijven en overheden.’
Zeeland in 2028
Wat hoopt Neefs dat Techkwadraat Zeeland over drie jaar heeft bereikt? ‘Dat techniek vanzelfsprekend is,’ zegt hij zonder aarzeling. ‘Dat elk kind in Zeeland weet wat techniek kan betekenen, ongeacht achtergrond of opleiding. Dat scholen en bedrijven elkaar blijven vinden, ook zonder subsidie. En dat de samenwerking stevig genoeg is om generaties mee te gaan. We zijn klein, maar wendbaar,’ besluit hij. ‘We praten niet eindeloos, we doen. Die mentaliteit — nuchter, betrokken, zonder ruis — dat is onze Zeeuwse kracht.’ Het succes van die aanpak doet niets af aan de uitdaging die blijft: zolang structurele financiering grotendeels afhankelijk is van tijdelijke subsidies, blijft duurzame ontwikkeling kwetsbaar. Ook in een provincie waar samenwerking juist de sterkste troef is.