Foto: iStock
27 november 2025

Blijven in de techniek — juist omdat het schuurt

Column

Komend jaar loopt mijn contract als promovenda af. Dat betekent dat ik moet nadenken over mijn volgende baan. Ik doe onderzoek naar AI, dus voor de hand liggende opties zijn de IT, consultancy, of gewoon in onderzoek blijven. Toch overwoog ik door het gebrek aan vrouwen de techniek te verlaten. Nu is het mijn reden om te blijven.

Het is lastig om uit te leggen waarom ik weg wilde uit de techniek. Inhoudelijk vind ik mijn onderzoek ontzettend boeiend en bevredigend. AI onderzoek levert oneindig veel puzzels om op te lossen. Ik werk ook nog eens aan een relevante toepassing die mogelijk positief bij kan dragen aan klimaatproblemen.

Ik ervaar ook geen seksisme op mijn werkplek. Ja, informatica staat niet bepaald bekend om haar genderdiversiteit. Toen ik als studente overstapte van de opleiding sterrenkunde naar informatica, zei een vriendin die informatica studeerde: ‘Oh wat leuk, dan zijn we straks met z’n tweeën in de collegezaal!’

Echter wil dat het een mannenwereld is niet zeggen dat er overal Playboy posters hangen en er domme-blondjes-grappen worden gemaakt. Mijn (voornamelijk mannelijke) collega’s maken geen seksistische opmerkingen en behandelen mij niet anders. Integendeel, ze zetten zich zelfs in voor genderbalans. Toen we twee mannelijke keynote speakers hadden voor een symposium dat we organiseren, meldde de organisator ons streng dat de volgende keynote uiteraard een vrouw moet zijn.

Toch wrijft dat, die mannencultuur. Ik ben na elke werkdag wel moe, en ik heb nooit het gevoel dat ik genoeg heb gedaan. Soms voelt het ook alsof mijn communicatiewerk niet telt–omdat ik het leuk vind, en het niet technisch moeilijk is.

In de informaticawereld bewonderen we alles wat hard werken en moeilijk is. Daarom verwachtte ik doodop te zijn na de zomerschool wetenschapscommunicatie waar ik afgelopen zomer aan deelnam.

Het tegendeel was waar. Na de zomerschool was ik uitgeslapen, vrolijk, en geïnspireerd. Voor een groot deel was dat te danken aan de organisatie die nauwgezet onze energieniveaus bewaakte. Het was ook te danken aan praatjes en workshops die ontworpen waren om makkelijk te volgen. In mijn jaren als AI-onderzoeker was het zeldzaam dat ik niet mijn best hoefde te doen om een abstract praatje met overvolle slides te volgen.

En, wonder boven wonder, ik had heel veel geleerd. Leren en betekenisvol werk doen hoeft geen kwelling te zijn. Computerwetenschapper Felienne Hermans beschrijft een vergelijkbare worsteling: ze zag hoe informatici om haar heen alleen moeilijke dingen de moeite waard vonden, terwijl zij gemotiveerd was door dingen makkelijker te maken voor andere mensen. Dankzij feminisme, schrijft ze, heeft ze leren begrijpen dat niet alle waarden even sterk vertegenwoordigd zijn.

Ook voor mij is dit waar. Ik vind verbinding met anderen belangrijker dan technisch complex werk. Ik voel me niet altijd thuis in de techniek omdat ik merk dat ik andere, blijkbaar meer feministische, doelen nastreef.

Vrouwen hebben dus veel meer redenen dan seksisme om de techniek te verlaten. Een werkcultuur waar traditioneel mannelijke eigenschappen worden beloond is er één van.  Een rapport van het VHTO over het vertrek van vrouwelijke onderzoekers uit de bèta-wetenschappen wijst nog acht factoren aan. Ik las dat vrouwen hogere werkdruk ervaren, dat we weinig ondersteund worden. Dat vrouwen vertrekken ondanks dat we het werk inhoudelijk interessant vinden.

Ik voelde herkenning, maar het maakte me ook ontzettend boos en verdrietig. Hoe kan dit nog steeds, in 2025? Ik werd neerslachtig van dit toekomstbeeld. Maar wat gebeurt er als ik vertrek? Dan is er wéér een vrouw minder in de techniek. Patriarchie: 1. Vrouwen: 0.

Daar was het dan. Pats boem. Een reden voor mij om te blíj́ven. Ik zou prima ander werk kunnen doen. Ik vind heel veel dingen leuk: informatica, wetenschapscommunicatie, schrijven, en beeldende kunst. Het gaat me echter niet alleen om de inhoud van mijn werk. Ik vind het belangrijk om een positieve impact op andere mensen te maken.

Als ik wegga uit de techniek, heeft dat misschien een positieve impact op mijn mentale gezondheid. Maar als ik blijf, kan ik een rolmodel zijn voor andere jonge vrouwen. Als ik blijf, kan ik samenwerken met andere vrouwen én mannen om te zorgen dat meer vrouwen blijven. Als ik blijf, is er in ieder geval één persoon meer die niet zoveel geeft om hoe moeilijk je werk is.

Als ik blijf, volgen er hopelijk meer.

Dit is mijn reden om hier te blijven. Het hoeft niet de jouwe te zijn. Maar als jij ook worstelt met deze keuze: stuur me een mail, of loop langs bij mijn kantoor. Ik hoor graag jouw verhaal.


Julia Wąsala is AI onderzoeker gespecialiseerd in Aardobservatie aan de Universiteit Leiden en SRON

Foto: iStock